Hemelvaart 2020

Hemelvaart in tijden van besmetting

Het is opvallend hoezeer we de laatste twee maanden zijn gaan leven met getallen. Er wordt ontzettend veel geteld, elke dag opnieuw, en overal in de wereld: we tellen de besmettingen en genezingen, de opnames in de ziekenhuizen, de bezetting van intensieve zorgen. Of we tellen de miljarden die op de beurs zijn verdampt, de maskers die vernietigd of opnieuw besteld zijn, we tellen en vergelijken de ‘oversterftecijfers’ per land … Anderen tellen dan weer de dagen dat ze al in “lockdown” zitten, of ze tellen de dagen àf naar de heropening van de school, de kapper, het winkelcentrum, het tweedeverblijf …

Veel van de huidige coronacrisis heeft met tijd te maken, met de manier waarop we tijd organiseren. De enen willen die koste-wat-het-kost naar hun hand blijven zetten en organiseren een rist alternatieve activiteiten. Anderen ondergaan de tijd wat meer, eerder berustend dan wel wat angstig. Maar iedereen zou het liefst zo snel mogelijk uit die greep willen ontsnappen en terugkeren naar de “normaliteit”. Of is het de ‘normali-tijd’? 

Helaas, die normaliteit bestaat nu even niet en dat zal nog wel een tijd duren. Die abnormaliteit zouden we dus best leren omarmen, niet zozeer uit angst voor het virus, of voor de dood, maar gewoon omdat we ons ‘willens nillens’ nog geruime tijd in die greep zullen bevinden. Het lijkt op een patstelling, in een maatschappij die het helemaal niet gewoon is van zo bewust met tijd om te gaan. Laat staan dat ze zich zo’n reflectie met bijhorende manifeste tempovertraging kan veroorloven.

Ondertussen staat Hemelvaart voor de deur. Pasen is ietwat bevreemdend gepasseerd – we hebben die grote dag op een aparte, ietwat vreemde manier beleefd. En veertig dagen later is het zover: Hemelvaartsdag. Opnieuw hebben we de dagen geteld. Veertig dit keer, een heilig getal dat wel meer voorkomt in de bijbel. Er worden verschillende interpretaties voor dit getal naar voren geschoven. Maar één ervan heeft te maken met de tijd die nodig is om een overledene “te laten gaan”, hem of haar niet langer vast te houden in onze eigen leefwereld, als een vertrouwde levende in ons dagelijkse bestaan. Loslaten dus, en anders leren kijken: erop vertrouwen dat hij of zij verder leeft, geborgen in de palm van Gods hand, net zoals Jezus dat dat doet, zittend aan de rechterhand van zijn Vader.

In die context stel ik mij de vraag of en hoe de coronacrisis ons leven en onze maatschappij (blijvend?) zal veranderen. Het is voor mij alsnog een open vraag. Dat open karakter stelt velen onder ons ook voor een (te) ingewikkelde uitdaging. Op die nabije toekomst krijgen we toch geen vat, zodat we best – en ook wel noodgedwongen – de ontwikkelingen één voor één het hoofd zullen moeten bieden wanneer ze zich aandienen. Dit alles ingebed in een vertrouwen dat “alles goed komt”, wat dat dan ook moge wezen. 

Dat is ook het antwoord van Paolo Giordano, een Italiaanse natuurkundige, in zijn recent verschenen essay over deze virustijd (“In tijden van besmetting”, De Bezige Bij). Hij grijpt daarbij – verrassend – terug naar een vers uit Psalm 90, een smeekbede die eveneens gebaseerd is op het tellen van dagen!

Leer ons onze dagen te tellen
dat wijsheid ons hart vervult.

Daarmee bevestigt hij hoezeer ieder van ons bezig is met tellen tijdens deze epidemie. Maar voor hem wil de psalm ons ook een andere rekensom laten maken: “Leer ons om onze dagen te tellen om zo onze dagen een waarde te geven.” Àl onze dagen, ook deze van de pandemie, die we uiteindelijk een vervelend intermezzo vinden. Zodoende streven we er naar om zin te geven aan deze besmettingsgolf. En gebruiken we onze tijd ook goed: we benutten de tijd om te bedenken wat we in normale omstandigheden niet of zelden bedenken: hoe zijn we hier gekomen? En hoe willen we de draad weer oppikken? Dat zijn voor mij ook de vragen die zich met Hemelvaartsdag aandienen. En wie weet, brengt Pinksteren straks ook daarvoor wel inzicht en wijsheid.

Om te besluiten met de woorden van Giordano: “De dagen tellen. Opdat wijsheid ons hart vervult. En niet toestaan dat al dit lijden voor niets is geweest.”

Hubert De Neve, Liturgische Ploeg.

Evangelietekst voor Hemelvaartsdag

Bij Hemelvaartsdag 2020 hoort deze passage uit Matteüs (28, 16-20):

De elf leerlingen gingen naar Galilea. Ze gingen naar de berg die Jezus genoemd had. Toen ze Jezus zagen, knielden ze voor hem. Maar sommige leerlingen twijfelden. Jezus kwam dichterbij en zei tegen de leerlingen: “God heeft mij alle macht gegeven, in de hemel en op de aarde. Jullie moeten naar alle volken gaan, zodat iedereen mijn leerling kan worden. Jullie moeten de mensen dopen in de naam van de Vader en van de Zoon en van de heilige Geest. Leer de mensen om zich te houden aan alles wat ik jullie verteld heb. En vergeet nooit: ik ben altijd bij jullie, totdat de nieuwe wereld komt.”

Cartoon van een creatieve leraar

Hubert Staljanssens is leraar PO in KoHa Hamme en creëert al geruime tijd een hoopvol antwoord op de huidige coronacrisis. 
Zijn werk is niet onopgemerkt gebleven. Zo publiceerde Le Monde al verschillende van zijn cartoons.
De auteur weet als geen ander de luchtige kant van de lockdown-maatregelen weer te geven!

Leave a Comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *